Miniconcert René Troost

René TroostOp donderdag 22 augustus geeft René Troost een orgelbespeling in de Koorkerk in Middelburg. Hij vervangt Ad van de Wege die helaas wegens ziekte heeft moeten afzeggen. René Troost speelt een bijzonder programma, zeker gezien het karakter van het Van Vulpen-orgel. Hij brengt muziek ten gehore van de Engelse componisten J. Frederick Bridge en G.T. Thalben-Ball en van de Franse componist Gabriël Pierné.

René Troost (1984) heeft lessen gevolgd bij Jos Vogel, Margreeth Chr. de Jong, Jan Wisse en Bram Beekman. Hij is als organist verbonden aan de Ter Hoogekerk te Middelburg.

Het miniconcert is één van de aktiviteiten van het Lange Jan Project, een initiatief van de Raad van Kerken Middelburg.
Het concert in de Koorkerk begint om 15.00 uur, de toegang is vrij.

Programma
Sonate in D Minor                         J. Frederick Bridge (1844-1924)
Allegro moderato
Andante
Andante maestoso and Fugue
Elegy                                              G. T. Thalben-Ball (1896-1987)
Trois pièces op. 29                         Gabriel Pierné (1863-1937)
Prélude
Cantilène
Scherzando

René Troost heeft de volgende toelichting bij het programma gevoegd:

Sir John Frederick Bridge (1844-1924) kwam uit een muzikale familie. Voor zijn 20e was hij reeds kerkorganist en op zijn 24e werd hij organist van de kathedraal van Manchester. Zes jaar later werd hij organist van de Westminster Abbey.
De ‘Sonate in D Minor’ is een werk dat weinig uitgevoerd wordt. Dit werk is opgedragen aan zijn broer Joseph Bridge, die organist van de kathedraal van Chester was.
Het eerste deel, ‘Allegro moderato’ heeft een actief, terugkerende thema, wat afgelost wordt door verstilde dialogen.
Het verstilde tweede deel ‘Andante’ heeft een meer orkestraal karakter. Er zijn zelfs op een 4-klaviers Engels kathedraalorgel veel registratiewisselingen noodzakelijk om de klankkleuren weer te kunnen geven.
Het derde en laatste deel begint ‘Andante maestoso’ met een korte, maar brede openingspassage dat het volledige orgel gebruikt. Na de korte opening verschijnt als het ware uit de echo van de inleiding de ‘Allegro’ fuga. Hoewel deze fuga niet te evenaren is aan de meesterwerken van Johann Sebastian Bach, laat Bridge zien dat hij de compositietechnieken volledig beheerste. Aan het slot van de fuga wordt het thema van de inleiding gecombineerd met het thema van de fuga om groot –in majeur- te eindigen.

Wederom een Engelse componist, Sir George Thomas Thalben-Ball (1896-1987). Geboren in Sydney, Australië. Studeerde bij Sir John Frederick Bridge en anderen. Organist aan de Temple Church in Londen en de Royal Albert Hall.
Ook dit werk, de Elegy, laat wederom vele facetten van het orgel horen. Het thema wordt op geniale wijze ingezet om een grote muzikale lijn neer te zetten.

Gabriel Pierné (1863-1937) was een Frans componist, dirigent en organist. Van zijn nagelaten orgelwerken zijn de Trois pièces, op. 29: Prélude-Cantilène-Scherzando zonder twijfel de meest bekende. Hij heeft deze rond 1892 gecomponeerd in Frans romantische stijl. De drie delen zijn opgedragen aan respectievelijk:
1. Prélude:                Samuel Rousseau
2. Cantilène:             Theodore Dubois
3. Scherzando:         Alexandre Guilmant
Pierné is gezien de registratievoorschriften zeker geïnspireerd door de orgels van de uitmuntende orgelbouwer Aristide Cavaillé-Coll. Desalniettemin kan dit werk ook goed uitgevoerd worden op instrumenten uit andere stijlperiodes.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s